Deel 9

rianne van dijk fotoDoor Rianne Sie

Eenmaal binnen liep Ferdinand naar de bar en bestelde een biertje. Met zijn biertje liep hij naar een tafeltje in de hoek van het zaaltje van waaruit hij een goed zicht had op het hele gebeuren. Ondertussen keek hij de zaal rond of hij Nathalie zag, maar van haar was geen spoor te bekennen. Wel van de alom aanwezige lugubere sfeer. Overal hingen capirotes en waar die niet hingen, leek de muur behangen met afbeeldingen van gesels. Hij voelde zich niet erg op zijn gemak en dat was zo’n enorm understatement dat hij bijna om de ironie moest lachen. Om hem heen liepen mensen onrustig heen en weer. Het was wel duidelijk dat er vanavond iets bijzonders ging gebeuren. Hij wist alleen nog niet precies wat, maar dat het iets met Nathalie te maken had, stond als een paal boven water.

Door de deuropening zag Ferdinand de verwarde man uit het dorpscafé binnenkomen. Met grote passen stormde hij op Ferdinand af, die op zijn beurt probeerde om de woedende blik van de man te ontwijken. Tevergeefs, want de man stond al voor zijn neus. Ferdinand kon zweren dat er stoom uit zijn neusgaten kwam en alweer moest hij bijna lachen; ditmaal van de zenuwen. De man brieste: ’Wat mot jij hier?’ Ferdinand stamelde: Ík kom voor Nathalie, zij zei dat het hier zo leuk was.’ ‘Ik ken geen Nathalie en zoals je ziet, is ze hier niet.’ ‘Okay, ik ben al weg,’ zei Ferdinand en hij struikelde over zijn eigen benen richting de uitgang. De twee jongens die eerder buiten stonden, keken hem venijnig aan. Eén spuugde zelfs naar hem. Ferdinand was blij toen hij eindelijk buiten was.
Eenmaal terug in de auto zette hij alles nog eens op een rijtje. De man had gezegd dat Nathalie er niet was en ook dat hij haar niet kende. Dat kon niet veel goeds betekenen. Hij moest terug! Maar hoe? Nu ze wisten hoe hij eruit zag, lieten ze hem natuurlijk nooit meer binnen. Ferdinand stapte uit en keek in de koffer, misschien had Bas nog wel wat kleding in de kofferbak liggen. Mazzel! Er lag nog een afgetrapt colbertje en een oude spijkerbroek met gaten en klodders verf. Er lag zelfs een bolhoed met indianenveer.
Ferdinand trok de kleding aan en liep terug naar De Flagellant. Even nonchalant als net loodste hij zichzelf naar binnen. Hij ging direct op zoek naar verborgen deuren of ruimtes, maar nog voor hij die gevonden had, zag hij Nathalie tussen de mensen. Ze was in het wit gekleed. Door de stof heen was bij haar dij een rode plek zichtbaar. Vanuit een hoek zag Ferdinand de man uit het café aan komen lopen; een gesel in zijn hand. Hoe ontspannen Nathalie er net nog uitzag, toen ze de man zag, nu schoot de paniek in haar ogen. Ze keek wild om zich heen en haar blik ontmoette die van Ferdinand. Hij zag dat ze iets gebaarde en las ‘help’ van haar lippen. Dit ging fout aflopen, maar wat kon hij nu nog doen…?