Deel 4

Marguerite de Ruijterdoor Marguerite de Ruijter

Met een schok werd Ferdinand wakker. Had hij nu alles gedroomd, of was het toch gestommel dat hem uit zijn visioen van de felbegeerde Pulitzerprijs had gehaald? Hij wreef in zijn ogen en keek half slaperig naar het donkere scherm van zijn inmiddels op stand-by gesprongen laptop. Nee, hij hoorde het nu toch echt. Een enorm kabaal in de gang van de woning die hij samen met een aantal TU-studenten bewoonde. Het gekrijs dat daarop volgde, ging bijna door merg en been.
‘Een muis!’ hoorde hij een meisje gillen.
‘Een rat!’ riep een ander angstig uit.
‘De hagedis!’ schoot het door Ferdinand heen, die snel – veel te snel – van zijn bureaustoel wilde opstaan en meteen door zijn linkervoet zakte, die blijkbaar nog steeds in de slaapstand stond.
Geschrokken bleef hij een aantal seconden op de grond liggen, tot de deur plotseling openging en Nathalie Wildschot naar binnen vloog.
Nee hè, niet dat kreng, dacht Ferdinand nog, terwijl hij opeens bemerkte dat de muts uit de kerk inderdaad van de verwarming was verdwenen. Had hij het dan toch niet gedroomd?
‘Is dit een grap of zo,’ zei Nathalie streng, terwijl ze met een vies gebaar een beest aan een staart voor Ferdinands neus heen en weer slingerde. Gek genoeg paste het beeld perfect bij haar punky uiterlijk.
‘Ik weet dat je van grappen houdt maar dit gaat toch wel een beetje te ver, vind je ook niet? En wie kon het beest uit Liza’s bed halen? Nou? Ik natuurlijk. Trouwens, wat moet je er eigenlijk mee? Je weet toch dat we hier geen huisdieren mogen houden? En geloof me Ferdinand, met zulk soort smerige grappen krijg je nooit een meisje! Niet dat iemand iets met jou wil krijgen, maar toch!’
Ze gooide met een theatraal gebaar de geschrokken hagedis in Ferdinands schoot, wilde zich al omdraaien toen ze zich plotseling bedacht en hem met een vreemde blik aankeek.
‘Of was dit weer een van je zogenoemde onderzoektechnieken? Kijken hoe vrouwelijke studenten reageren op vreemde huisdieren of zoiets. Of nee, een sensatieverhaal over de opkomst van de hagedis in Oostland! Net zoiets als die koffers die plotseling door heel het dorp waren te vinden. Wij maar denken dat een of ander geheimzinnig genootschap erachter zat, maar nee hoor. Het was onze eigen plaatselijke journalist in spé die een scoop had bedacht en het kofferverhaal in scene zette. Nu ik erover nadenk…’
Plotseling stopte Nathalie met praten en keek ze verbaasd naar het open raam dat in de wind stond te klapperen.
‘Waarom staat je raam wagenwijd open? En wat doe jij eigenlijk op de grond?’
Ze stak haar hand uit om hem omhoog te helpen, waarbij een klein stukje van haar onderarm zichtbaar werd. Ferdinand keek ernaar en verbleekte.
‘Wat is dat teken op je pols?’